“Toen mijn moeder terugkeerde, wist ik niet wie ze was”

In 1944 werd de Blankenbergse Jan Guilini onthoofd door het Duitse naziregime. Zijn echtgenote Aline Cambier overleefde ternauwernood de Duitse strafkampen. Zoon Carlos Guilini (85) herinnert zich zijn vader en moeder, de zwemmer en de voetballersdochter die verzetsstrijders werden.

Door Lotte Lambrecht (De Standaard) - 06/05/2026
Helden van het verzet
Carlos Guilini schuift een zwart-witfoto op tafel. Een klein, blond kereltje met krullen en een streepjesshirt houdt de hand van zijn zwartharige vader vast. “Dit is de enige foto die ik van mijn papa en mij heb”, zegt hij. Het toen bijna tweejarige jongetje is vandaag een man van 85, met pretogen en een ronde buik, omgord door een groene trui. Samen met zijn dochter Annick zit hij aan tafel in zijn appartement in Brugge.
Aan de muur hangt nog een andere foto: een huwelijksportret van zijn ouders, genomen in 1933. “Het huwelijk van ‘Jantje’ Guilini en Aline Cambier was destijds groot nieuws”, vertelt Annick. “Zelfs in die mate dat er een video van werd gemaakt. Ze waren eigenlijk BV’s in hun tijd.” (lacht) Jan Guilini kon zwemmen als een vis; tussen 1930 en 1939 mocht hij meer dan twintig Belgische titels op zijn naam schrijven. Op de 100, 200, 400 en 1.000 meter zette hij record na record neer. Aline Cambier was de dochter van Charles Cambier, die naast baas van het Brugse Café Des Sports sterspeler was bij Club Brugge en de nationale ploeg.
Het waren gewoon mensen die deden wat ze dachten te moeten doen. – Jan Guilini
Word steunend lid en geef onze werking vleugels
Samen zorgen we dat elke Belg tegen 2030 een verzetsheld kent. Maar dat kan alleen met jouw steun. Je bijdrage maakt het verschil: je zet een historisch onrecht recht, ontvangt het Heldenmagazine en wordt deel van een sterke community.
Ondanks zijn succes bracht Guilini’s zwemcarrière weinig brood op de plank. Na hun huwelijk verkasten de zwemmer en de voetballersdochter naar Blankenberge, waar ze een hotel aan de dijk uitbaatten. Ze kregen vier kinderen: Nicole, Rita, Carlos en Régine, die kort na haar geboorte overleed aan wiegendood.
De Tweede Wereldoorlog haalde het leven van de familie overhoop. De kust veranderde tijdens de bezetting in een militaire zone; Blankenberge maakte deel uit van de Duitse Atlantikwall. “Jan is toen snel in het verzet terechtgekomen”, vertelt Carlos. Hij hielp regelmatig vluchtelingen de oversteek maken naar Engeland. Uiteindelijk kwam hij in contact met Guy Stinglhamber, een Belg die werkte voor de Britse SOE, die steun verleende aan het verzet in bezette gebieden. Stinglhamber moest het verzet aan de kust organiseren.
Samen met enkele kompanen vormde Guilini het Moujick-netwerk. Zijn schoonbroer Albert sloot zich aan en ook Aline, die haar gezin in eerste instantie niet in gevaar wilde brengen, sloot zich willens nillens aan. “Via een geheime zender stuurden ze informatie naar de Britten door over de bezetter”, vertelt Annick. Als er Duitse soldaten in het zwembad waren, noteerde Jan de nummers op hun uniform. Aan de hand daarvan wisten ze welke troepen gestationeerd waren.
Op 11 oktober 1941 redde Jan vijf Britse vliegeniers die voor de kust van Blankenberge waren neergestort. Vanaf dan kwam hij in het vizier van de bezetter. De Moujicks werden uiteindelijk verraden door Stinglhamber, die eerder in Brussel opgepakt en gemarteld werd. Guilini en zijn kompanen werden op 3 maart 1942 Nacht und Nebel uit hun bed gelicht en opgesloten in de Brugse gevangenis ’t Pandreitje. “Hij is nog kort kunnen ontsnappen door over een muur te klimmen, maar viel en bezeerde zich”, zegt Carlos. “Hij kwam terecht in een kloostertuin; moeder-overste heeft hem aangegeven.”
Helden van het verzet
Carlos Guilini, toen bijna 2 jaar oud, en zijn vader Jan Guilini. © Fred Debrock
Ook Aline werd opgepakt, op 29 augustus 1942, Carlos’ tweede verjaardag. “En wij, die drie dutsjes, werden opgevangen door onze grootmoeder. Maar zij werd ziek en overleed, waardoor we verdeeld werden.” De meisjes kwamen terecht bij groottantes in Brussel, Carlos werd opgevangen door een nonkel in Brugge.
Aline overleefde de kampen en een dodenmars, en keerde op 29 mei 1945 terug naar Brugge. “Bij de reünie herkenden mijn zussen mij niet, en ik hen niet. Ook mijn moeder herkende ik niet.” Nieuws over Jan was er bij Alines terugkeer nog niet. Een artikel van de lokale krant Het Woensdagblad over de terugkeer van Cambier schreef dat “omtrent de gebeurelijke terechtstelling” van de groep van Guilini “nog niets is vernomen, zodat nog steeds de hoop op hun terugkeer vurig bestaat”. Alle hoop ten spijt keerde Guilini niet meer terug. Op 6 januari 1944 werden alle mannen in de groep ter dood veroordeeld. Ze werden op 22 mei een voor een, met een tussenpauze van enkele minuten, met de hakbijl onthoofd in de gevangenis Brandenburg-Görden.
“Kort na haar terugkeer kreeg mama de terugslag. Ze kreeg zenuwinzinkingen. Het geluid van een toeslaand autoportier deed haar denken aan een celdeur, zei ze. Ze at ook altijd de kruimels van tafel”, vertelt Carlos, terwijl hij met het topje van zijn wijsvinger op de tafel tikt. Annick vult aan: “Als we op bezoek gingen, kregen we altijd vers brood, maar zelf schraapte ze de schimmel van het hare. Nooit ofte nimmer smeet ze iets weg. ‘Jullie weten niet wat honger is’, zei ze.” Praten over de oorlog of Jan werd taboe. “Soms vroeg ik haar: ‘Marraine, vertel eens over de oorlog.’ ‘Daar is niets over te vertellen’, zei ze dan.”
Helden van het verzet
De bruiloft van Jan Guilini en Aline Cambier. © Fred Debrock
De aanwezigheid van zijn omgeving ving de afwezigheid van zijn vader op, zegt Carlos: “Ik ben altijd goed omringd geweest en heb het geluk gehad om vooral vrouwen in mijn leven te hebben gehad. De mannen van de Guilini’s en de Cambiers waren goede sporters, maar het waren de vrouwen die de boel recht hielden.”
Na zijn dood werd Guilini gevierd als verzetsheld. Het stedelijk zwembad in Brugge werd naar hem vernoemd. Carlos: “In de jaren na de oorlog was er jaarlijks een herdenking, met een stoet van de kerk naar het kerkhof, met muziek en veel mensen. Na een aantal jaar verdween de muziek, en daarna verdwenen de mensen. Misschien daarom dat er nu plots zoveel meer aandacht voor is. Hun herinnering komt iedereen ten goede, zeker de jongeren die vaak niet weten wie hij is. Als je de evolutie ziet in de wereld, denk je: zijn ze nu allemaal gek geworden?”
Hoe voelt Carlos zich over de verzetsdaden van zijn vader? Trots, boos? “Ik had het misschien zelf gedaan. Ik was ook een avonturier. Waarom gaan mensen in het verzet? Uit idealisme, omdat je jong bent, omdat je niet onderdrukt wil worden? Mijn vader was jong, hij was 28 of 29 jaar. Dan zit je vol met goede bedoelingen. Als je ouder wordt, denk je soms: verdomme toch, had hij niet beter voor zijn vrouw en kinderen gezorgd ... Maar wat weten wij van zo’n situatie? Het waren gewoon mensen die deden wat ze dachten te moeten doen.”
Word steunend lid en geef onze werking vleugels
Samen zorgen we dat elke Belg tegen 2030 een verzetsheld kent. Maar dat kan alleen met jouw steun. Je bijdrage maakt het verschil: je zet een historisch onrecht recht, ontvangt het Heldenmagazine en wordt deel van een sterke community.