"Wat ik over het Belgische verzet ontdek, is ronduit verbluffend"

Helen Fry schrijft sneller dan menig lezer kan bijhouden. In een indrukwekkend tempo brengt de Britse historica vergeten verhalen uit de Tweede Wereldoorlog tot leven. In haar recente boek ‘Nuremberg: The Translator’s Tale’ focust ze op een nauwelijks bekende getuige van de processen van Neurenberg. Tegelijk duikt ze in een ander, onderbelicht hoofdstuk: het Belgische verzet, dat volgens haar zwaar onderschat wordt. “We lopen veertig jaar achter in het onderzoek,” zegt ze. “Maar wat ik ontdek, is ronduit verbluffend.”

Door Tim Van Steendam - 02/06/2026
Helden van het verzet
U blijft in een opmerkelijk tempo publiceren. Uw nieuwste boek over de Processen van Neurenberg, de roemruchte rechtszaken waar de nazikopstukken werden berecht, vertelt een bekende geschiedenis vanuit een onbekend perspectief.
“Ik wilde wegblijven van de bekende grote namen en focussen op iemand die letterlijk de geschiedenis belichaamde. Howard Triest was een jonge tolk die urenlang doorbracht met de belangrijkste nazi-beklaagden. Wat zijn verhaal zo uitzonderlijk maakt, is zijn achtergrond: hij was een Joodse vluchteling uit Duitsland en verloor bijna zijn hele familie in Auschwitz. En toch zat hij daar, op enkele meters van de mannen die verantwoordelijk waren voor dat verlies. Ik heb hem jaren geleden uitgebreid kunnen interviewen. Hij vertelde me dat er geen dag voorbijging zonder dat hij aan Neurenberg dacht. Die periode heeft zijn hele verdere leven bepaald, en dat terwijl hij nog maar 24 jaar oud was. Die spanning tussen professionele afstand en persoonlijke tragedie vond ik bijzonder aangrijpend.”
Eind vorig jaar verscheen ook ‘The White Lady’, waarin u een Belgisch inlichtingennetwerk uit de Eerste én de Tweede Wereldoorlog onderzoekt.
“Dat boek kwam er omdat er eindelijk nieuwe bronnen beschikbaar werden. De Clarence Service werkte voor de uiterst geheime tak van de Britse inlichtingendienst MI6, die officieel decennialang niet eens zou hebben bestaan. Ook onze binnenlandse veiligheidsdienst, MI5, zei bijvoorbeeld dat ze officieel niet bestond, maar iedereen wist waar haar gebouw stond. Pas sinds kort is de staatsveiligheid in België begonnen met het vrijgeven van de dossiers van de Clarence Service. Het was dus niet mogelijk om dit verhaal eerder te vertellen. Daardoor konden we voor het eerst echt inzicht krijgen in hoe dat netwerk functioneerde. Wat me vooral trof, was de schaal van verzet: tijdens de Tweede Wereldoorlog waren er naar schatting 240 verzetsnetwerken actief in België. Ik heb er in mijn boek slechts één onderzocht. Dat geeft aan hoe uitgebreid dit onderzoeksgebied nog is.”
‘De geschiedenis is complexer dan het idee van totale verrassing’ – Helen Fry
Het is toch opvallend dat we pas tachtig jaar na datum enigszins beginnen te begrijpen hoe die netwerken functioneerden.
“Dat heeft deels te maken met de focus van de geschiedschrijving over de twee wereldoorlogen. In Groot-Brittannië ligt de nadruk traditioneel op Frankrijk, dat niet eens bezet was tijdens de Eerste Wereldoorlog. België wordt volledig buiten beschouwing gelaten. Er bestaat echt diepgaande kennis over de gevechten aan het front en de loopgraven in de Eerste Wereldoorlog. Maar niemand heeft zich afgevraagd: hoe zat het achter de linies? Wat speelde zich daar af? Terwijl net daar een complex en fascinerend netwerk van spionage en verzet ontstond. Zo kwam ik uit bij The White Lady, of La Dame Blanche, het netwerk dat Luikenaar Walthère Dewé tijdens de Eerste Wereldoorlog oprichtte, en later met het Clarence-netwerk in de Tweede Wereldoorlog verder uitbouwde. Die continuïteit is bijzonder interessant: het verzet bouwde voort op eerdere ervaringen en structuren.”
Wat maakt dat Belgische verzet volgens u zo bijzonder?
“In de eerste plaats de omvang, maar ook de diversiteit en de vindingrijkheid. Vooral de rol van vrouwen wordt nog vaak onderschat. Neem het Comète-netwerk van de Brusselse Andrée de Jongh. Jonge vrouwen speelden daarin een cruciale rol, bijvoorbeeld bij het helpen ontsnappen van geallieerde piloten. Hoewel ze soms achttien waren, kleedden ze zich als een veertienjarige. Bij controles op de trein deden ze alsof ze de dochter waren van de meestal Engelstalige piloot. Ze zegden dat hun papa net naar de tandarts geweest was en niet kon praten. Hun moed is amper te bevatten. Wat mij telkens opnieuw treft, is hoe normaal zij hun eigen uitzonderlijke daden vonden. Dat maakt hun verhalen des te krachtiger. Ik ben ervan overtuigd dat dit soort geschiedenis ook vandaag nog inspirerend kan werken, zeker voor jonge generaties.”
Wil jij een verzetscafé organiseren?
Is er in jouw gemeente of stad genoeg animo om een verzetscafé te organiseren? Heb je zelf ideeën voor het organiseren van een evenement? Neem contact met ons op en we bekijken samen hoe we dit op poten kunnen zetten.
Helden van het verzet
Zelfs premier Winston Churchill erkende het belang van die Belgische netwerken.
“Zeker. Hij stelde dat een groot deel van de militaire inlichtingen afkomstig was van Belgische bronnen. Volgens sommige cijfers kwam zelfs meer dan 95 procent van de informatie achter de Duitse linies van La Dame Blanche. Dat is opmerkelijk en wordt ook bevestigd in officiële documenten van MI6. Wat nog minder bekend is, is dat Belgische agenten niet alleen in eigen land actief waren. We dachten aanvankelijk dat ze zich beperkten tot België en het Groothertogdom Luxemburg, maar ze opereerden ook diep in nazi-Duitsland, tot in steden als Hamburg, Leipzig en Neurenberg. Ze verzamelden informatie over troepenbewegingen, logistiek en zelfs transporten van strategische materialen. Dat wijst erop dat hun bereik veel groter was dan lange tijd werd aangenomen. We hebben volgens mij nog maar het topje van de ijsberg gezien.
André Mentillon bijvoorbeeld, een Luikse industrieel en agent van de Clarence Service, werd maanden voor de invasie van mei 1940 al naar Duitsland gestuurd om de bewegingen van troepen op de spoorlijnen tussen Aken, Keulen en Wuppertal te bespioneren. Ze moeten dan al geweten hebben dat er iets stond te gebeuren.”
Dat lijkt het klassieke beeld van de Duitse verrassingsaanval en de Blitzkrieg enigszins te nuanceren.
“Inderdaad. Er waren wel degelijk signalen en inlichtingen die wezen op wat er zou komen. Dat roept vragen op over hoe die informatie werd geïnterpreteerd en waarom men niet krachtiger kon reageren. Veel Belgische historici wijzen op de beperkte slagkracht van het leger op dat moment, en dat speelt zeker mee. Maar het toont ook aan dat de realiteit complexer is dan het idee van totale verrassing.”
Helden van het verzet
Thérèse de Radiguès
U stootte ook op andere minder bekende verhalen, zoals Duitsers die voor Groot-Brittannië vochten.
“Ja, dat is een ander fascinerend hoofdstuk. Ongeveer 10.000 Duitsers dienden in Britse eenheden. Velen van hen waren gevlucht voor het naziregime. Ik heb er een aantal twintig jaar geleden kunnen interviewen. Ze hadden hun verhaal vaak nog nooit verteld, uit trauma of bescheidenheid. Ze verloren familieleden in concentratiekampen, hun thuisland en vaak ook kameraden aan het front. Het kostte tijd om hun vertrouwen te winnen, maar hun getuigenissen zijn van onschatbare waarde. Ze tonen een andere kant van de oorlog, die minder bekend is bij het grote publiek.”
Hoe kijkt u als buitenstaander naar de manier waarop België met dit verleden omgaat, of eerder: niet omgaat?
“Ik heb de indruk dat veel van deze geschiedenis nog verborgen blijft, deels door de lange traditie van geheimhouding rond inlichtingenwerk. Maar ik zou België willen aanmoedigen om die verhalen te omarmen. Een nationale herdenkingsdag, vergelijkbaar met Remembrance Day in het Verenigd Koninkrijk, zou daarbij kunnen helpen. Traditioneel vierden we die op 11 november voor de gesneuvelden uit de Eerste Wereldoorlog, maar nadien is dat uitgebreid naar de soldaten van beide wereldoorlogen, maar ook van Afghanistan, Irak en de Falklandoorlog van 1982. We herdenken dus de veteranen van alle oorlogen.
Herdenking heeft een verbindende kracht. Het brengt mensen samen en zorgt ervoor dat offers uit het verleden niet vergeten worden. Dat is belangrijk voor het collectieve geheugen, maar ook voor de identiteit van een land.”
Vooral de rol van vrouwen wordt nog vaak onderschat. – Helen Fry
U ziet daar ook een actuele relevantie in?
“Absoluut. Geschiedenis gaat niet alleen over het verleden, maar ook over hoe we ons voorbereiden op de toekomst. Een samenleving die haar helden en heldinnen kent, staat sterker. Verhalen van moed en verzet kunnen inspireren, zeker in onzekere tijden. We weten niet wat de toekomst brengt, maar het helpt om voorbeelden te hebben van mensen die moeilijke keuzes maakten en verantwoordelijkheid namen.”
Is er één verhaal dat u persoonlijk het meest is bijgebleven?
“Er zijn er veel, maar dat van Thérèse de Radiguès vind ik bijzonder. Ze was een 79-jarige spionne voor het Clarence-netwerk. Op een bepaald moment komt Walthère Dewé haar waarschuwen dat ze in de problemen zit en dat ze onmiddellijk moet vertrekken. Maar ze wil nergens heen, ze blijft. Wanneer de Gestapo arriveert, kan Dewé via de achterdeur vluchten, maar hij wordt iets later op straat neergeschoten. Thérèse wordt door de Gestapo meegenomen voor ondervraging. Daar doet ze alsof ze dement is. De Gestapo-officieren weten zich geen raad. Hun baas is razend. ‘Dit is toch geen spionne?!’ foetert hij. ‘Ze weet niet eens welke dag van de week het is.’ En dus lieten ze haar weer vrij. (lacht) Dat is toch een ongelooflijk verhaal? De Radiguès ging nadien gewoon verder met het leiden van haar deel van het netwerk vanuit Brussel. Van januari tot augustus 1944 leverde ze cruciale inlichtingen over de V-wapens achter de frontlinie.
Ik vind haar buitengewoon. Dat iemand op die leeftijd zo’n rol speelde, is echt uitzonderlijk. Het toont hoe breed en diep dat verzet verankerd zat in de samenleving. En misschien is dat wel de belangrijkste les: dat moed geen leeftijd kent.”
Interview uit het Heldenmagazine
Dit interview verscheen oorspronkelijk in het driemaandelijkse Heldenmagazine voor de leden van vzw Helden van het verzet. Enkele maanden na de verschijning van het magazine, plaatsen we een selectie aan artikels op de website. Wil je ons unieke Heldenmagazine boordevol informatie over het Belgische verzet en democratische weerbaarheid ook in je brievenbus ontvangen? Via deze link word je steunend lid en geef je onze werking vleugels.
Word steunend lid en geef onze werking vleugels
Samen zorgen we dat elke Belg tegen 2030 een verzetsheld kent. Maar dat kan alleen met jouw steun. Je bijdrage maakt het verschil: je zet een historisch onrecht recht, ontvangt het Heldenmagazine en wordt deel van een sterke community.